Verlichting, ervóór, tijdens en daarna

Rani Willems

Rani Willems – Verschenen in InZicht nr 1, 2006 – Leestijd is ca. 14 minuten

Dit is het ‘verlichtings’verhaal van Rani, een Nederlandse vrouw die verschillende jaren satsang gaf in India en elders in de wereld. In dit eerste deel vertelt ze over haar spirituele weg, over de piekmomenten en de diepe dalen en vooral over de vele vermommingen van het ego.

Elke zoeker streeft naar verlichting. Daarbij denken de meeste mensen dat verlichting een staat van continue gelukzaligheid en eenheid is. Ze geloven dat het leven daarna voor altijd en eeuwig eenvoudig is, vanwege de voortdurende expansie in het onbekende. En hoewel het waar is dat er zoiets als ‘de verlichtingservaring’, met alle zojuist genoemde kenmerken bestaat, blijkt verlichting zèlf iets heel anders. De gelukzaligheid (‘bliss’) is geen emotionele ervaring die we via het ego kunnen opdoen. Ze is van een hele andere aard. Deze waarheid wordt door de tijd heen, bij stukjes en beetjes geopenbaard, terwijl we ontdekken wie we zijn en het ego leren doorzien.

Sommige delen van het leerproces zijn gegarandeerd. Eerst moeten we herkennen wie we zijn voorbij lichaam en geest, tot op een punt waar er een verschuiving van perspectief, van context kan plaatsvinden. Maar dan moeten we van die verlichtings‘high’ weer terug naar beneden. Er is moed voor nodig om in te zien dat elke ervaring verdwijnt, zelfs na een aantal jaren, dat helderheid weer verloren kan gaan en dat identificatie met de geest (het denken) weer terug kan komen. Niets is blijvend en om hogere pieken te bereiken, zullen we door verschillende dalen moeten. Fouten maken is een belangrijk onderdeel van het pad. Het ego groeit bij spiritueel succes. Bij mislukkingen wordt het zwakker.

De verlichtingservaring betekent weliswaar het einde van de zoektocht, maar is ook het begin van het pad. (Of – zoals ik vaak zeg – de zoektocht gaat van de horizontale naar de ver ticale dimensie). Vaak is het verliezen van die verlichtingservaring nodig om werkelijk toegewijd te zijn aan de discipline van een spiritueel leven. We hebben het paradijs gezien. We hebben de natuurlijke staat geproefd en nu is die weg. Wat overblijft, is dat we constant met onze mislukkingen, onze angsten, onze gehechtheden en onze wanhoop worden geconfronteerd.

Om werkelijk als een afgescheiden zelf te kunnen verdwijnen, moeten we ons openstellen, telkens weer en telkens dieper voor de pijn en de angst. We moeten ons gaar laten ‘sudderen’, breken en verpulveren. Als we niet het juiste inzicht hebben, de juiste context, zijn de dalen erg moeilijk om doorheen te komen.

Midden de jaren negentig zag mijn leven eruit alsof ik het volkomen gemaakt had.

Wat hier volgt is mijn eigen ervaring van dit proces. Hopelijk hebben andere reizigers op het pad er iets aan. Midden de jaren negentig zag mijn leven eruit alsof ik het volkomen gemaakt had. Tenminste aan de buitenkant. Ik woonde in India, in een mooie buurt buiten de stad. Ik was een gewaardeerd lid van de Osho Ashram waar ik deel van uitmaakte. Ik hield van mijn werk als therapeut en ik had een fantastische relatie. Dat vertelde ik mezelf in ieder geval. Het huis dat we gebouwd hadden was prachtig. We hadden behoorlijk wat personeel, katten, honden, visvijvers enzovoort. We leefden het succesvolle leven van de ‘neo-sannyasin’. Dagelijkse meditatie was comfortabel. Ik wist hoe ik de mind los kon laten en gelukzaligheid kon ervaren. Ik had een goed toevluchtsoord uit het lijden gevonden. Wat kon ik nog meer wensen?

Ik maakte mezelf wijs dat ik tevreden was, daarbij ontkennend dat ik me altijd de mindere voelde van mijn geliefde omdat ik minder geld verdiende. Ik ontkende ook dat ik heel onzeker was over mijn capaciteiten als therapeut en nog veel meer andere kleine dingen. Eigenlijk was ontkennen mijn manier van leven geworden en terugkijkend kan ik zeggen dat ik dat stiekem ook wel wist, maar het was te bedreigend om toe te geven. Compensatie was een kunst die ik al sinds mijn kindertijd meester was.

En toen ineens verliet mijn geliefde me. Het gat waarin ik (voor de zoveelste keer in mijn leven) viel was diep. Telkens als ik erin viel, leek het nog dieper te worden. Vastbesloten om er voor eens en altijd mee af te rekenen (het ego denkt altijd in termen van blijvende eliminatie) dook ik er een jaar lang in en deed intensieve therapie, waarbij ik de ‘Awareness Intensive’ groep herontdekte. In deze groep stel je jezelf van ‘s morgens vroeg tot ‘s avonds laat de vraag: ‘Wie ben ik?’ en dit zo drie tot zeven dagen achtereen. De resultaten waren verbluffend

Het daaropvolgende jaar nam ik deel aan elke dergelijke groep die zich voordeed. Meestal deed ik er 24 uur over om in een andere dimensie te raken, in het rijk van de eenheid, helderheid en vrede. Ik raakte verslaafd aan de piekervaringen, omdat ze me rechtstreeks uit mijn onopgeloste pijn leken te tillen. Ik leerde hoe ik het moest ‘doen’. Koans kraken werd mijn specialiteit. Zodra de groep voorbij was, kwam ik dan wel weer in een dal terecht, maar later bleven de pieken gewoon doorgaan. De helderheid verliet me niet meer en vrede was min of meer permanent aanwezig. Ik had -met andere woorden – heel veel energie verzameld.

Grotere doorbraken en onthullingen deden zich voor. Eindelijk was ik vrij van het lijden! Ik had een uitweg gevonden! Ik kan me nog bepaalde gedachten, die ik onmiddellijk weer van me afzette, herinneren, zoals: “Nu hoef ik me nooit meer zorgen te maken over geld. Ik heb wat iedereen wil!” en: “Nu hoef ik me nooit meer zorgen te maken over seks en relaties, want dat ben ik overstegen!”

Ergens wist ik dat het ego op de achtergrond nog meeloerde, maar ik was nog niet voldoende op de hoogte van de mechanismen van de geest om me te realiseren wat dat betekende. Ik vertelde mezelf dat ik er vrij van bleef, doordat ik er mij van bewust was. Ik zocht in Osho’s teksten naar een stukje om mijn precieze situatie te begrijpen, maar vond niet veel. Misschien formuleerde ik mijn vraag niet goed omdat ik dacht dat ik al verlicht was. Maar hoe dan ook, ik vond niet veel dat bruikbaar was. Ik voelde me erg alleen. Ik dacht dat het dit was wat hij bedoelde, als hij zei dat je uiteindelijk alleen bent en ik besloot mijn ervaring te vertrouwen.

Een tijdlang zag ik een vrouw die zichzelf verlicht had verklaard en zij hielp me om de resterende twijfel te laten verdwijnen. Bovendien gaf ze me alle bevestiging die ik nodig had. Dit is precies wat de geest wil: bevestiging! Dus zoeken we onbewust iemand op die ons dat geeft. De meest dominante ervaring was overigens die van geluk en vrede. De verschuiving, de ommekeer was ingrijpend en leek onherroepelijk.

Ik was zo enthousiast en wilde dit onmiddellijk delen met wie het maar wilde horen. Het was een oprechte en naïeve wens om anderen uit hun lijden te helpen. Voor zover ik het kon bekijken was mijn bedoeling integer, maar ik wist niet dat zolang het ego er nog is, onze intenties nooit 100% zuiver zijn. Ik heb iemand wel eens horen zeggen dat mensen die te vroeg verklaren dat ze verlicht zijn net lijken op kleine meisjes die hun moeders kleren aantrekken en op hoge hakken gaan lopen om op volwassenen te lijken. Zo was het ook. Ik was een kind met een zak snoep om uit te delen. En hoewel vrienden me meden als de pest, daagden er uiteindelijk toch mensen op die wilden horen wat ik te zeggen had. Veel zoekers willen maar één ding: een snelle manier om van hun pijn af te komen. En snelle manieren had ik genoeg!

Natuurlijk waren ze vol bewondering. Ik straalde veel kosmische energie uit. Iedereen in de kamer kon het voelen.Mensen tegen wie ik praatte of waar ik naar keek, kwamen voor een tijdlang in een toestand van puur bewustzijn. Ik was er zelf ook door overweldigd. Ik werd geliefd en verheerlijkt. En ik voelde dat ik die liefde eigenlijk ook waard was. Ijdelheid sloop naar binnen. Uiteindelijk had die persoon die zo vaak vernederd was (ik) het toch maar gemaakt en was iemand geworden. Die trots zag ik wel, maar ik vertelde mezelf dat juist doordat ik het zag het eigenlijk niets uitmaakte. Alles gebeurde in het Ene en was daarom tijdelijk. Ik werd ‘beroemder’. Er kwamen steeds meer mensen naar de satsangs en ze hadden geweldige bevrijdingservaringen. Voor mij een bewijs dat ik het ‘goed deed’. Mijn ego zwol weer een beetje meer op.

Af en toe klopte de oude onzekerheid op mijn deur, maar ik deed niet open. Ik wilde niet toegeven dat die er was. Stel je de situatie maar eens voor: je denkt dat je voorbij het lijden bent het motief van al je zoeken en je realiseert je ineens dat dit niet zo is! Het ego zal uit alle macht protesteren. De ziel heeft eeuwenlang een aantal blauwdrukken van ego-bescherming opgebouwd en die gaan niet zomaar weg. Wat we zoeken op het pad is vele jaren lang alleen maar bevrijding van het lijden. Pas veel later wordt onze intentie puur en helder genoeg om alleen dát te willen wat er is, hoe pijnlijk of ongemakkelijk dat ook mag zijn.

Ik voelde me in die tijd open en expansief, omdat het ontwaken sterk was en ik grote hoeveelheden energie kon kanaliseren, zonder te weten dat ze allemaal door het ego passeerden en er daarom door gekleurd waren. De hele tijd was mijn ego aan het opzwellen tot ver voorbij zijn wildste fantasieën, zonder dat ik het doorhad. Het werd steeds transparanter, slimmer en spiritueler en het vertelde zichzelf dat het niemand was, dat het er zelfs niet was! Het slaagde erin zichzelf uitstekend voor de gek te houden.

Het ego is erg slim. Omdat ik al de valkuilen die ik zag ook deelde met mijn leerlingen, dacht ik dat ik er vrij van was. Ik had niet door dat dit delen niet genoeg is om het ego stil te leggen. Dat het absolute toewijding en bereidheid vereist om alert te blijven. Dat het met een chirurgische precisie gadegeslagen moet worden.

Door het delen dacht ik dat wat ik deed, eerlijk en alert was en voor een deel was dat ook wel waar. De verlichtingservaring is altijd een mix van duidelijke en eerlijke intenties en een op macht belust ego. Als we dan geen levende leraar in de buurt hebben, kunnen we in grote problemen komen. Die reis kunnen we moeilijk alleen maken, juist omdat we dat ego zelf amper kunnen zien.

Ik deelde mijn pijn en fouten en ontdekte tot mijn verbazing dat niet veel mensen de waarheid wilden horen als die er minder gelukzalig uitzag.

Ik werd beroemder en reisde onvermoeibaar de planeet rond, denkende dat ik iets heel goeds deed voor de mensheid. Achteraf zie ik dat het gewoon het oude liedje was: ik moest iedereen die pijn leed helpen, anders had ik geen reden van bestaan. Na twee jaar kreeg ik een ‘burnout’ en moest ik stoppen. Mijn lichaam zakte in elkaar. Toen de dokter zei dat ik moest rusten, was het eerste dat in me opkwam: ‘Wie zal er nu nog van me houden?’ Dat schokte me diep.

De verlichtingservaring is altijd een mix van duidelijke en eerlijke intenties en een op macht belust ego.

In zekere zin was dit het begin van ‘de val’. Natuurlijk, eerlijk als ik was, deelde ik dit alles in satsang met de leerlingen, om te laten zien hoeveel en hoezeer het ego de verlichtingservaring kan begeleiden. Ik deelde mijn pijn en fouten en ontdekte tot mijn verbazing dat niet veel mensen de waarheid wilden horen als die er minder gelukzalig uitzag. Gedurende de vier jaar dat ik lesgaf, gebeurde het eigenlijk zelden dat iemand de waarheid wilde horen. Veel mensen die op dit soort satsangs komen, willen verteld worden dat er korte wegen naar bevrijding bestaan. Vaak willen ze ook iemand bewonderen. Niet velen willen horen over het moeilijke werk om onze geest te louteren en onze pijn te genezen. Ja, in de satsangs worden er nogal wat grappen gemaakt over het ‘werken aan jezelf’…

Het mooie zowel als het moeilijke van onze tijd is dat spirituele kennis en geheimen beschikbaar zijn met een eenvoudig klikje van de muis. Alle teksten zijn openbaar. In het verleden was dit niet het geval. Informatie werd alleen gegeven aan leerlingen/volgelingen die vooruitgang maakten in hun ‘practice’ en ervaring. Tegenwoordig hoef je niet eerst te mediteren of hard te werken om spiritueel onderricht te krijgen. Daardoor bestaat het gevaar dat de wijsheid en de kennis alleen mentaal geabsorbeerd worden.

Ik was ondertussen, na veel weerstand, aan een nieuwe relatie begonnen en dit bracht een nieuwe test met zich mee. Ik was niet zo ‘ver’ als ik dacht te zijn. Het leren liefhebben en geliefd worden, bracht en brengt nog steeds eindeloze lessen met zich mee. Ik nam een jaar vrijaf zodat mijn lichaam zich kon herstellen en kwam in aanraking met diepe oude pijn en eenzaamheid uit mijn kinderjaren. Aanvankelijk hadden alleen mijn oude vrienden mij links laten liggen, maar in de satsang-gemeenschap was ik met open armen ontvangen. Nu werd ik echter ook door deze gemeenschap uitgesloten. Ik mocht geen pijn voelen en ik mocht er al helemaal niet over spreken. Er was immers ‘niemand’ hier die pijn kon hebben. Maar zelf was ik blij dat ik deze pijn eindelijk kon verwelkomen en voelen zonder verdere manipulatie. Ik ging een maand in stilte en voelde de noodzaak om weer te gaan mediteren. (In de jaren dat ik zogezegd ‘niemand’ was, was er natuurlijk ook niemand om te mediteren!) Ondanks alle moeilijkheden overheerste de ervaring van vrede en eenheid nog steeds.

Maar toen kwam pas de echte klap. Bij mijn beste vriendin en werkpartner werd kanker vastgesteld. De eerste maanden konden we nog net doen alsof het allemaal niks uitmaakte. We vertelden elkaar dat het oké was, dat we geen angst of pijn voelden, dat sterven bij het leven hoorde en dat alles wat komt ook moet gaan. Maar toen brak er iets in ons allebei. De laatste weken bracht ik door aan haar zijde. Ik verpleegde haar thuis tot ze in mijn armen stierf. Dat brak mijn hart totaal. Er was zoveel pijn. Ik was er helemaal door overweldigd, werd erdoor verteerd en voelde me hulpeloos en verward. Ik kon maar niet begrijpen hoe deze identificatie opeens weer mogelijk was. Hierna werden mijn satsangs nog eerlijker. Ik pretendeerde niets meer, beloofde wonderen noch ‘shortcuts’. Natuurlijk kwamen er steeds minder mensen opdagen. Uiteindelijk zag ik dat slechts een handvol oprechte zoekers overbleef die ik eigenlijk niet veel meer te bieden had dan mijn vriendschap en beperkte wijsheid en ervaring.

Er groeide een hevig verlangen om iemand te vinden die mij kon leiden.

Ik zocht links en rechts in oude en nieuwe vormen van wijsheid, totdat ik bij mijn nieuwe leraar Aziz vond wat ik zocht. Zijn ‘zen-klappen’ waren pijnlijk en niet altijd welkom, maar na verloop van tijd begreep ik ze beter. Voor het eerst kreeg ik een ‘kaart’ van de werkelijkheid die in mij resoneerde. Mijn eigen meester (Osho) was voor mij te uitgebreid, te rijk geweest om een duidelijke en praktische weg te zien. Hij sprak over zoveel vormen van spirituele praktijk en liet het aan mij over om daaruit te kiezen. Dit had mij gebracht waar ik was. Ik voelde en voel diep respect en dankbaarheid voor hem, maar ik had meer nodig. Ik had behoefte aan een levende leraar.

Nu vond ik dit zeer precieze onderricht dat in mijn ziel weerklonk als een weerspiegeling van de werkelijkheid. Mijn leraar leidde mij in mijn ‘practice’ en leerde mij een hele nieuwe manier van mediteren. Hij zei ook dat ik moest stoppen met zelf satsang te geven, en daar was ik bang voor. Het was mijn enige bron van inkomsten. Ik had het geld nodig, ik had de erkenning nodig en ik had ergens de positie nodig (meer voor mezelf dan voor anderen). Maar bovenal kon ik voor mezelf niet toegeven dat die schitterende tijd voorbij was. Dat ik een prachtige verlichtings-ervaring had gehad, die jarenlang had geduurd, maar die beetje bij beetje was weggeglipt. Langzaamaan ben ik gaan begrijpen dat er in ieder van ons corruptie leeft. Wij doen tenslotte alles voor onszelf. Door de satsangs verder te laten doorgaan, kon ik mezelf vertellen dat het nog niet voorbij was. Ik kon nog wat verder dromen en mezelf vertellen dat het wel weer beter zou worden. Of erger: ik kon het wijten aan de lage motivatie van de zoekers dat ‘het’ niet meer gebeurde.

Maar het leven is gul als de intentie eerlijk is. Ik bad dagelijks voor waarheid en een oprecht gebed wordt altijd verhoord. Ik verhuisde naar het Westen, naar Nederland, waar ik geboren ben en vond het, na een verblijf van zestien jaar in India, ontzettend moeilijk om me aan te passen aan deze cultuur. Het was de grootste cultuurshock die ik ooit heb meegemaakt.

Na een tijd was er geen geld meer. Dankzij vrienden en familie konden we het hoofd boven water houden. Maar nu stortte ik helemaal in. De hele schaduwzijde van de persoonlijkheid dook op. Het ego was sterker geworden. Het groeit samen met onze realisaties. Het superego keerde terug met meer kracht dan ooit tevoren! De zelfkwelling en het schuldgevoel kwamen terug met de kracht van een tornado. De schaduw presenteerde zich luid en duidelijk. Ik dacht dat ik mijn schaduwzijde lang geleden ontmoet had, maar dit ging veel dieper. Schaduw bestaat in relatie tot licht. Hoe meer licht, hoe dieper de schaduw, zo ontdekte ik. Ineens identificeerde ik mij weer met iedere gedachte die in mij opdook. Buiten de uren dat ik mediteerde, was ik van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat emotioneel. Ik mediteerde en bad en deed alles om een depressie te vermijden. Totdat ook dat niet langer lukte. Ik was in de hel en realiseerde mij dat de heling hier, middenin de hel, zou moeten plaatsvinden. Het geld was op. Ik begon met een poetsbaantje en was bereid om welk werk dan ook te doen. En ergens hoopte ik intussen nog steeds dat op een goede dag alles weer ‘goed’ zou zijn en ik weer uit mijn pijn gelicht zou worden.

Maar de waarheid leeft niet in de aanwezigheid van hoop. Onze hoop opgeven hoort bij de prijs die we moeten betalen voor de onbetaalbare parel der wijsheid. Het ego schreeuwde en tierde. Het wilde de glorieuze tijden niet opgeven. Mijn hele leven met al zijn onverteerde en ontkende pijn dook weer op voor een volgende ronde. Gedachten aan zelfmoord kwamen voorbij. Zonder de hulp van mijn partner en enkele lieve vrienden, familie en een goede healer, zou het heel wat moeilijker geweest zijn. Hun liefde was zo ondersteunend en helend. Toch voelde ik mij geheel verloren, en ik begreep maar half wat er gaande was. Ik had hulp nodig. Een ding was wel duidelijk: er was geen weg ‘eruit’, alleen een weg ‘er dwars doorheen’. Mijn enige manier was om aanwezig te zijn in de pijn en de emoties die zich aandienden. Ik voelde mij dieper gezonken dan ooit tevoren. Maar er begon ook een lichtje te schijnen: ik zag opeens dat het naar beneden gaan ook het boven komen betekende.

Ik was Aziz dankbaar dat hij nog eens naar het Westen kwam voor een nieuwe ‘silent retreat’. Aan het eindevan deze ene week kondigde hij echter aan dat hij zich in afzondering zou terugtrekken en niet langer als gids of leraar beschikbaar was. Opnieuw was ik alleen en niet ten volle realiserend wat er gebeurde, bad ik om hulp. Tot mijn groot geluk viel het boek ‘Half way up the mountain’ van Mariana Caplan in mijn schoot. Dit boek ging over mij! Het was mijn verhaal tot in detail. Het bracht alle ontbrekende stukken van de puzzel bij elkaar. Ik las er over alle valkuilen waar ik ook was ingetuimeld. Het bracht me een positieve context en voldoende informatie over het proces waar ik doorheen ging. Dit boek lezen was als een soort retraite. Het herinnerde me er telkens opnieuw aan dat er een genezende kracht in deze crisis was. Dat was wat ik nodig had. Door te begrijpen dat dit alles een mechanische respons in de geest was en niet een persoonlijke mislukking of trip, kwam ook mijn waardigheid terug. Ik kon mijn lijden waardiger dragen. Ik leerde dat ontgoocheling niet alleen noodzakelijk is op het pad, maar een waar geschenk van Gods genade. Het is alsof je van Gods borst wordt gespeend en toelating krijgt om zelfstandig te gaan lopen. Natuurlijk val je links en rechts zoals elke peuter, maar tenslotte vind je je evenwicht en kun je lopen.

De val uit het paradijs lijkt inderdaad een integraal deel van het proces van verlichting te zijn. Ja, sommige leraren zeggen dat je dit moet verdienen. Als we ons realiseren dat ons pad helemaal niet is wat we dachten dat het was en dat de werkelijkheid iets totaal anders is dan al onze illusies erover, worden we diep geschokt. Dat is geen gemakkelijke overgang om te maken. Het is zeer pijnlijk en voelt alsof we levend worden gevild. En juist die pijn opent ons op wonderlijke wijze dieper voor wat en wie we zijn. ‘Verlichting’ komt tot leven als we onze ‘verduistering’ op dezelfde manier omarmen als ons licht. Dan worden we er ons heel diep van bewust dat onze menselijke realiteit hier er altijd zal zijn, dat pijn er altijd zal zijn, dat lijden deel uitmaakt van het menselijke leven. Of we lijden bewust of we doen dat onbewust. We realiseren ons dat de vrijheid die we gevonden dachten te hebben in de zaligheid en de vreugde van de ‘verlichtingspiek’, helemaal niet de ware vrijheid is. Die is veel dieper. Het is werkelijk aanvaarden wat is.

Tegen de tijd dat ik het boek had uitgelezen, was het loslaten compleet. Ik stopte al mijn activiteiten als ‘lerares’, annuleerde mijn ticket naar India en ben klaar voor een nieuw hoofdstuk in dit avontuur dat leven heet. Het kan nu gebeuren precies hier waar ik ben. En ik heb er werkelijk geen idee van waarheen het me zal leiden. Geen hoop en geen plan.

Nawoord

Na het schrijven van dit artikel werd Rani werkzaam in de particuliere thuiszorg. Ze verzorgt en begeleidt ouderen en stervenden in de laatste fase van hun leven. Haar proces van integratie van de ‘spirit’ (de essentie) en de psyche gaat onverminderd voort. Er is een diep besef groeiende over het ‘werk’ dat verricht moet worden opdat alles wat gerealiseerd is ook geactualiseerd (belichaamd) kan worden. Op dit pad bestaan geen ‘shortcuts’. Alles moet diep doorzien, doorleefd en omarmd worden. De leegte is nu niet langer gezien als HET doel maar als slechts een aspect van ons multidimensionale zijn. Het is de basis, de grond van het bestaan. Het hart is de plaats waar het “Zijn” betekenis en waarde krijgt en tot leven komt. Het mysterie blijft zich dieper openen.

Rani laat zich inspireren door haar dagelijkse meditatie en inkeer en door verschillende leraren. Terwijl het dagelijkse leven, in diepe verbintenis met de mensen om haar heen, het gebied is waar het hart zich steeds verder leert openen en realiseren.

“Heart be brave If you cannot be brave Just go God’s glory is no small thing.” (Jallaludin Rumi)

BTW 098765432 | KvK 765321 | © Copyright 2018 – InZicht magazine voor non-dualiteit | webdesign by Lucid Studio